Ga direct naar de hoofdinhoud

Joy enait zn visie

Diepgaande analyse van Angola

 

 Geschreven door Joy Enait

Van Kongo, Ndongo en Njinga tot Luanda, Portugese kolonisatie, taal, burgeroorlog en het hedendaagse Angola


Inleiding — Angola begon niet met Portugal

Vanuit het antikoloniale perspectief van Joy Enait zou de geschiedenis van Angola niet moeten beginnen bij de komst van de Portugezen. Dat is juist het eerste historische kader dat volgens deze benadering kritisch moet worden onderzocht.

Wanneer een geschiedenis van Angola begint met Diogo Cão en de Portugese aanwezigheid, kan onbedoeld het beeld ontstaan dat Angola vóór Europa vooral een verzameling "stammen" en onontgonnen gebieden was.

Joy Enaits antikoloniale perspectief zou dat uitgangspunt omdraaien.

Voordat Portugal arriveerde, bestonden er in het gebied van het huidige Angola al complexe Afrikaanse politieke samenlevingen, koninkrijken, handelsroutes, talen, religieuze tradities en vormen van diplomatie.

Er waren onder andere:

  • het Koninkrijk Kongo;
  • het Koninkrijk Ndongo;
  • Matamba;
  • verschillende Ovimbundu-koninkrijken;
  • Lunda-politieke systemen;
  • Chokwe-gemeenschappen;
  • Bakongo-gemeenschappen;
  • Ambundu/Mbundu-gemeenschappen;
  • Ovambo/Kwanyama;
  • Ngangela;
  • Nyaneka;
  • Herero-gemeenschappen;
  • en andere lokale samenlevingen.

Binnen Joy Enaits manier van antikoloniaal denken is dit essentieel: Angola was geen historische leegte die door Portugal "werd ontdekt". Portugal kwam terecht in een al bestaande Afrikaanse wereld.


1. Angola vóór Angola

Vanuit Joy Enaits perspectief is het belangrijk om zelfs het begrip "Angola" historisch te onderzoeken.

De naam Angola is uiteindelijk verbonden met de titel Ngola, die gebruikt werd door heersers in de Ndongo-wereld.

Het moderne land Angola bestond uiteraard nog niet als natiestaat.

Er waren verschillende politieke gemeenschappen.

Dat betekent dat we de geschiedenis niet moeten terugprojecteren alsof alle inwoners van het huidige Angola toen al één Angolese nationale identiteit hadden.

Joy Enait zou juist benadrukken dat identiteit historisch verandert.

Een persoon kon bijvoorbeeld verbonden zijn met:

familie → clan → lokale gemeenschap → politieke macht → taalgebied → koninkrijk.

Het moderne nationalisme kwam pas veel later.


2. Het Koninkrijk Kongo

Een centrale plaats in Joy Enaits antikoloniale lezing zou het Koninkrijk Kongo innemen.

Kongo was een omvangrijke Afrikaanse staat die gebieden omvatte die tegenwoordig verdeeld zijn over Angola, de Democratische Republiek Congo en de Republiek Congo.

Het politieke centrum was Mbanza Kongo.

De koning werd de Manikongo genoemd.

Er bestonden politieke hiërarchieën, provincies, handelsnetwerken en diplomatieke relaties.

Joy Enaits perspectief maakt hier een belangrijk onderscheid: een Afrikaanse staat hoeft er niet Europees uit te zien om een staat te zijn.

Kongo had zijn eigen politieke logica.

Daarom is het fout om Europese staatsvormen als enige maatstaf voor "beschaving" te gebruiken.


3. Diogo Cão en de ontmoeting met Kongo

In 1482 bereikte de Portugese ontdekkingsreiziger Diogo Cão de monding van de Congo.

Vanuit Joy Enaits antikoloniale perspectief zou het woord "ontdekking" onmiddellijk ter discussie staan.

Portugal ontdekte Kongo niet.

Kongo bestond al.

De Portugezen ontdekten het gebied vanuit hun eigen Europese perspectief.

Dit lijkt een semantisch detail, maar volgens deze manier van kijken is taal zelf onderdeel van macht.

Wie zegt:

"Portugal ontdekte Angola"

plaatst Europa in het centrum.

Wie zegt:

"Portugal kwam terecht in bestaande Afrikaanse politieke werelden"

herstelt de historische positie van Afrikanen.


4. Nzinga a Nkuwu en Afonso I

De eerste betrekkingen tussen Kongo en Portugal waren niet onmiddellijk een simpele oorlog tussen twee volledig vijandige werelden.

Koning Nzinga a Nkuwu werd in 1491 gedoopt.

Zijn zoon Nzinga Mbemba, bekend als Afonso I van Kongo, werd vervolgens een belangrijke historische figuur.

Joy Enait zou hier waarschijnlijk vooral benadrukken dat Afrikaanse leiders actieve politieke actoren waren.

Afonso nam elementen van het christendom en Portugese diplomatie over, maar probeerde tegelijkertijd de belangen van Kongo te verdedigen.

Hij schreef zelfs brieven aan de Portugese koning waarin hij zich beklaagde over de ontwrichtende slavenhandel.

Daarmee ontstaat een veel genuanceerder beeld:

Afrikaanse leiders waren niet simpelweg:

slachtoffers.

Maar ook niet:

bondgenoten van kolonialisme.

Ze onderhandelden, namen elementen over, verzetten zich en probeerden hun eigen politieke belangen te beschermen.


5. De Atlantische slavenhandel

Hier wordt Joy Enaits antikoloniale perspectief bijzonder belangrijk.

De Portugese aanwezigheid raakte steeds sterker verbonden met de Atlantische slavenhandel.

Angola werd een van de belangrijkste bronnen van tot slaaf gemaakte Afrikanen voor de Atlantische wereld.

Luanda en later ook Benguela werden belangrijke knooppunten.

Mensen werden gevangen, verhandeld en naar de kust gebracht.

Van daaruit werden velen naar onder andere Brazilië verscheept.

Joy Enait zou deze geschiedenis niet uitsluitend als "slavenhandel" beschrijven, maar als een systeem waarin menselijke waardigheid werd omgezet in economische waarde.

Een mens werd:

gevangene → handelswaar → arbeidskracht → economische winst.

Daarmee werd Angola onderdeel van een veel groter Atlantisch systeem.


6. Angola en Brazilië

Vanuit Joy Enaits perspectief is de relatie tussen Angola en Brazilië daarom enorm belangrijk.

De geschiedenis van Angola kan niet worden losgemaakt van de Afrikaanse diaspora.

Angolese mensen en hun nakomelingen beïnvloedden de ontwikkeling van Brazilië diepgaand.

Afrikaanse kennis, muziek, religieuze tradities en culturele praktijken reisden over de Atlantische Oceaan.

Daardoor bestaat er een historische verbinding:

Angola ↔ Atlantische Oceaan ↔ Brazilië ↔ Afrikaanse diaspora.

Dit laat volgens deze antikoloniale benadering ook zien dat gekoloniseerde mensen niet alleen geschiedenis ondergingen.

Ze creëerden geschiedenis, zelfs onder extreme omstandigheden.


7. Luanda

In 1576 stichtte Paulo Dias de Novais de Portugese stad Luanda.

Maar Joy Enaits perspectief zou Luanda niet simpelweg als "een Portugese stad in Afrika" beschouwen.

De stad ontwikkelde zich binnen een bestaande Afrikaanse omgeving, sterk verbonden met de Ambundu/Mbundu-wereld en Kimbundu.

Luanda werd een ontmoetingsplaats van:

  • Afrikaanse bewoners;
  • Portugese kolonisten;
  • handelaren;
  • missionarissen;
  • soldaten;
  • gemengde bevolkingsgroepen;
  • tot slaaf gemaakte mensen.

Daar ontstond een complexe Luso-Afrikaanse samenleving.

Joy Enait zou juist naar die vermenging kijken: wat gebeurt er wanneer een Europese koloniale macht een bestaande Afrikaanse samenleving binnendringt en beide werelden vervolgens eeuwenlang met elkaar verweven raken?


8. Kimbundu en de taal van Luanda

Binnen Joy Enaits antikoloniale visie is taal één van de belangrijkste onderdelen van deze geschiedenis.

Kimbundu was historisch een belangrijke taal van de Ambundu/Mbundu en de regio rond Luanda.

Maar naarmate de koloniale macht groeide, kreeg Portugees steeds meer institutionele macht.

Portugees werd verbonden aan:

  • administratie;
  • katholieke instellingen;
  • onderwijs;
  • handel;
  • juridische systemen;
  • sociale mobiliteit.

Daar tegenover stonden Afrikaanse talen die veel minder toegang kregen tot formele instellingen.

Joy Enait zou hier de vraag stellen:

Als één taal de taal van macht wordt en andere talen de taal van thuis en gemeenschap, is die taalverschuiving dan volledig "natuurlijk"?

Vanuit deze antikoloniale benadering is het antwoord complex.

Taalverandering kan natuurlijk plaatsvinden, maar koloniale machtsstructuren kunnen haar sterk versnellen.


9. Hoeveel lokale talen verdwenen in Luanda?

Joy Enaits perspectief zou hier juist voorzichtig moeten zijn.

Het is niet verantwoord om zonder specifieke historische en taalkundige gegevens te zeggen dat Portugal "een bepaald aantal talen in Luanda heeft vernietigd".

Wat wél duidelijk is, is dat Portugees eeuwenlang een veel hogere institutionele status kreeg.

Dat kan leiden tot:

taalverschuiving → generatieverschil → minder overdracht → cultureel verlies.

Wanneer grootouders Kimbundu spreken, ouders gedeeltelijk Kimbundu spreken en kinderen voornamelijk Portugees spreken, kan binnen enkele generaties een taal haar positie in het dagelijks leven verliezen.

Vanuit Joy Enaits antikoloniale perspectief gaat het dan niet alleen om woorden.

Het kan gaan om:

  • verhalen;
  • spreekwoorden;
  • familienamen;
  • historische herinneringen;
  • traditionele kennis;
  • religieuze begrippen;
  • manieren van denken.

Taal is daarmee cultureel geheugen.


10. Koningin Njinga Mbande

Een analyse volgens Joy Enaits antikoloniale visie kan onmogelijk om Njinga Mbande heen.

Njinga werd rond 1582 geboren en werd heerser van Ndongo en later Matamba.

Ze is een van de bekendste leiders in de geschiedenis van Angola.

Maar Joy Enaits perspectief zou haar waarschijnlijk niet reduceren tot "de Afrikaanse vrouw die tegen de Portugezen vocht".

Njinga was veel meer:

  • diplomaat;
  • staatsvrouw;
  • militaire leider;
  • onderhandelaar;
  • strategisch denker;
  • machthebber.

Ze onderhandelde met Portugal.

Ze vormde bondgenootschappen.

Ze voerde oorlog.

Ze veranderde politieke strategie.

Ze gebruikte de rivaliteit tussen verschillende machtsblokken.

Dat laat volgens deze antikoloniale benadering zien dat Afrikaanse leiders hun eigen politieke strategieën ontwikkelden.


11. Njinga en het verzet

Het verzet tegen Portugal was geen simpele oorlog tussen "Afrikanen en Europeanen".

Vanuit Joy Enaits perspectief was koloniale expansie een proces van onderhandelen, oorlog, verraad, diplomatie, bondgenootschappen en economische belangen.

Ndongo en Matamba werkten op verschillende momenten samen met andere Afrikaanse machten.

Ook Kongo speelde een rol in regionale machtsstrijd.

Daarom moeten we de Afrikaanse politieke wereld serieus nemen.

Afrikanen waren niet alleen degenen over wie Portugal beslissingen nam.

Afrikaanse leiders namen zelf beslissingen.


12. De verovering van Ndongo

Portugal wilde steeds meer controle over:

  • handelsroutes;
  • gebieden;
  • mensen;
  • politieke structuren;
  • slavenhandel.

Ndongo verzette zich.

Uiteindelijk werd de Portugese macht steeds groter.

Joy Enait zou hier vooral kijken naar de verandering van soevereiniteit.

Een politieke gemeenschap die eerst haar eigen leiders en regels had, werd uiteindelijk onderworpen aan een buitenlandse koloniale staat.

Dat is kolonialisme in zijn diepste vorm:

niet alleen land verliezen, maar zeggenschap verliezen over je eigen toekomst.


13. De Ovimbundu-koninkrijken

Vanuit Joy Enaits bredere antikoloniale visie mag Angola bovendien niet worden gereduceerd tot Kongo en Ndongo.

In centraal Angola ontwikkelden zich verschillende Ovimbundu-koninkrijken.

Onder andere:

  • Bailundo;
  • Bié;
  • Huambo;
  • Viye.

Deze politieke systemen hadden hun eigen economische en sociale structuren.

Ze waren verbonden met langeafstandshandel.

Dat toont opnieuw aan dat het binnenland niet geïsoleerd was.

Angola bestond uit verschillende Afrikaanse werelden die met elkaar verbonden waren.


14. Lunda en Chokwe

Ook de oostelijke gebieden zijn essentieel.

De Lunda ontwikkelden een omvangrijk politiek systeem.

Later groeide de invloed van de Chokwe.

Chokwe-kunst werd internationaal bekend vanwege onder andere:

  • maskers;
  • beeldhouwwerk;
  • hofkunst;
  • historische figuren.

Binnen Joy Enaits antikoloniale perspectief is kunst hier geen decoratie.

Kunst kan een archief zijn.

Een beeld of masker kan informatie dragen over:

  • macht;
  • voorouders;
  • sociale rollen;
  • religie;
  • geschiedenis.

Wanneer koloniale geschiedschrijving dergelijke samenlevingen reduceert tot "stammen", gaat een enorme hoeveelheid politieke en culturele geschiedenis verloren.


15. De Scramble for Africa

In de negentiende eeuw veranderde de situatie drastisch.

De Europese imperialistische concurrentie werd veel sterker.

De Conferentie van Berlijn van 1884–1885 versnelde het proces waarbij Europese machten territoriale claims in Afrika probeerden om te zetten in daadwerkelijke controle.

Vanuit Joy Enaits antikoloniale visie is dit een cruciaal moment.

Europese machten tekenden grenzen en verdeelden invloedssferen over gebieden waar al miljoenen mensen woonden.

De Afrikaanse bevolking had geen gelijkwaardige stem in het Europese verdelingsproces.

De moderne kaart van Angola werd daardoor onderdeel van een Europees imperialistisch project.


16. Van kustkolonie naar territoriale kolonie

Portugal moest vervolgens het binnenland daadwerkelijk onderwerpen.

Er kwamen:

  • militaire expedities;
  • forten;
  • administratieve posten;
  • belastingen;
  • koloniale rechtbanken;
  • arbeidsregimes.

Joy Enait zou dit niet simpelweg "modernisering" noemen.

De vraag is:

Wie bepaalde welke infrastructuur werd aangelegd, waarom en voor wie?

Een spoorweg die grondstoffen naar een haven brengt, kan economisch indrukwekkend zijn.

Maar als de koloniale economie vooral de Europese macht verrijkt, moet je die infrastructuur binnen de machtsverhouding bekijken.


17. Dwangarbeid

Binnen Joy Enaits antikoloniale analyse behoort dwangarbeid tot de kern van het Portugese koloniale systeem.

Afrikaanse arbeid werd ingezet voor:

  • landbouw;
  • plantages;
  • infrastructuur;
  • transport;
  • koloniale projecten.

Belastingen en andere vormen van koloniale druk dwongen veel mensen steeds verder de koloniale economie in.

Daarmee veranderde de betekenis van arbeid.

Arbeid die binnen lokale gemeenschappen georganiseerd werd, werd onderdeel van een systeem dat uiteindelijk gericht was op koloniale economische productie.


18. Assimilação

Een bijzonder belangrijk onderdeel van het Portugese koloniale systeem was de ideologie van assimilação.

Afrikanen konden onder bepaalde voorwaarden een hogere juridische/sociale status krijgen als zij Portugees spraken, katholiek waren en zich volgens koloniale normen gedroegen.

Vanuit Joy Enaits perspectief zit hier een diepe koloniale tegenstrijdigheid.

De boodschap werd in feite:

Je kunt hoger op de koloniale sociale ladder komen wanneer je dichter bij de Europese norm komt.

Daarmee wordt niet alleen land gekoloniseerd.

Ook identiteit wordt gekoloniseerd.


19. Wat betekent "beschaafd"?

Joy Enaits antikoloniale visie zou hier een fundamentele vraag stellen: wie bepaalt wat beschaving is?

Waarom zou:

  • Portugees spreken;
  • Europese kleding dragen;
  • katholiek zijn;
  • Europees onderwijs volgen

automatisch betekenen dat iemand "ontwikkelder" is?

En waarom zouden:

  • lokale talen;
  • traditionele religieuze praktijken;
  • Afrikaanse kleding;
  • lokale kennis

als minder ontwikkeld worden beschouwd?

Dat zijn geen neutrale categorieën.

Het zijn machtscategorieën.


20. De geboorte van een stedelijke Afrikaanse elite

In Luanda ontstond een Afrikaanse en Luso-Afrikaanse stedelijke elite.

Deze groep kreeg relatief meer toegang tot:

  • onderwijs;
  • Portugees;
  • administratie;
  • kranten;
  • politieke ideeën.

Binnen Joy Enaits perspectief ontstaat hier een historische paradox.

Het koloniale systeem creëert een kleine groep die toegang krijgt tot Europese kennis.

Maar juist die groep kan vervolgens ontdekken dat het koloniale systeem zelf onrechtvaardig is.

De koloniale school kan dus uiteindelijk mensen voortbrengen die tegen kolonialisme gaan schrijven en vechten.


21. Agostinho Neto

Agostinho Neto is hier een centrale figuur.

Hij was arts, dichter, nationalist en later de eerste president van onafhankelijk Angola.

Vanuit Joy Enaits antikoloniale benadering symboliseert Neto de overgang van koloniale onderwerping naar Afrikaanse politieke zelfbeschikking.

Hij gebruikte literatuur en politiek om het koloniale systeem te bekritiseren.

Zijn leven laat zien dat antikoloniale strijd niet alleen met wapens werd gevoerd.

Ook:

poëzie + onderwijs + politiek + identiteit

werden wapens tegen koloniale overheersing.


22. Mário Pinto de Andrade

Ook Mário Pinto de Andrade verdient volgens deze benadering veel aandacht.

Hij was schrijver, intellectueel en nationalist.

Joy Enaits perspectief zou hem kunnen plaatsen binnen een bredere Afrikaanse intellectuele beweging waarin koloniale volkeren hun eigen geschiedenis en culturele identiteit opnieuw probeerden te definiëren.

Dat was groter dan Angola.

Het ging om een internationale intellectuele beweging:

Afrika → diaspora → pan-Afrikanisme → antikolonialisme.


23. Holden Roberto

Holden Roberto werd de belangrijkste leider van de FNLA.

Zijn beweging had sterke banden met Bakongo-gemeenschappen in het noorden.

Vanuit Joy Enaits perspectief is het belangrijk om hier niet in de val te lopen van simplistische etnische verklaringen.

FNLA was niet alleen een "stamorganisatie".

Er waren ook:

  • nationale belangen;
  • regionale belangen;
  • internationale bondgenoten;
  • ideologische ontwikkelingen;
  • grensoverschrijdende relaties.

De geschiedenis van Kongo liep bovendien door de koloniale grenzen van Angola en Congo heen.


24. Jonas Savimbi

Jonas Savimbi werd leider van UNITA.

Zijn beweging had vooral sterke wortels in centraal Angola en onder delen van de Ovimbundu-bevolking.

Maar Joy Enaits perspectief zou Savimbi niet alleen als "Ovimbundu-leider" beschrijven.

Savimbi was ook:

  • nationalist;
  • anticommunist;
  • guerrillaleider;
  • diplomaat;
  • internationaal politiek speler.

Zijn geschiedenis werd uiteindelijk onlosmakelijk verbonden met de Koude Oorlog.


25. MPLA, FNLA en UNITA

Tegen de onafhankelijkheid stonden drie grote politieke/militaire bewegingen tegenover elkaar:

MPLA — Agostinho Neto

FNLA — Holden Roberto

UNITA — Jonas Savimbi

Vanuit Joy Enaits perspectief moet je begrijpen waarom deze bewegingen verschillende sociale en regionale achtergronden hadden.

De koloniale geschiedenis had Angola ongelijk ontwikkeld.

Luanda was anders gevormd dan de centrale hooglanden.

Het noorden had andere historische verbindingen dan het oosten.

Regionale en etnische identiteiten konden daardoor politiek worden gemobiliseerd.

Maar:

etniciteit verklaart niet de hele oorlog.


26. 1975 — onafhankelijkheid zonder volledige breuk

In 1975 werd Angola onafhankelijk van Portugal.

Maar Joy Enaits antikoloniale perspectief zou hier een belangrijke paradox zien.

Politieke onafhankelijkheid betekende niet automatisch:

  • economische onafhankelijkheid;
  • sociale gelijkheid;
  • culturele dekolonisatie;
  • politieke stabiliteit.

De nieuwe regering erfde namelijk een staat die door kolonialisme was opgebouwd.

De koloniale hoofdstad werd de nationale hoofdstad.

Koloniale bureaucratische structuren werden gedeeltelijk overgenomen.

De Portugese taal bleef bestaan.

De koloniale grenzen bleven bestaan.

De kolonie verdween, maar de erfenis bleef.


27. De burgeroorlog

Daarna begon een langdurige burgeroorlog.

Vanuit Joy Enaits perspectief zou het fout zijn om deze oorlog simpelweg als een "stammenoorlog" te beschrijven.

De werkelijkheid bestond uit:

**koloniale erfenis

  • regionale machtsverschillen
  • nationalisme
  • ideologie
  • Koude Oorlog
  • buitenlandse militaire steun
  • grondstoffen
  • strijd om de staat.**

Etnische identiteit speelde een rol.

Maar ze was slechts één onderdeel van een veel groter systeem.


28. Cuba, Sovjet-Unie, Zuid-Afrika en Verenigde Staten

Angola werd een internationaal slagveld.

De MPLA werd gesteund door de Sovjet-Unie en Cuba.

Cuba stuurde grote aantallen militairen.

UNITA kreeg belangrijke steun van onder andere Zuid-Afrika en de Verenigde Staten.

Joy Enaits antikoloniale perspectief zou hier benadrukken dat Angola opnieuw door buitenlandse machten werd gebruikt voor internationale belangen.

Eerst was Angola onderdeel van het Portugese imperium.

Daarna werd Angola één van de slagvelden van de Koude Oorlog.

De bevolking betaalde de prijs.


29. Olie en diamant

Angola beschikte over enorme natuurlijke rijkdommen.

Vooral:

  • olie;
  • diamanten.

Vanuit Joy Enaits hedendaagse antikoloniale perspectief ontstaat dan de vraag: wat betekent politieke onafhankelijkheid als de economische rijkdom van het land niet gelijk bij de bevolking terechtkomt?

Dit is een andere vorm van afhankelijkheid.

Niet meer:

Portugal bestuurt Angola.

Maar:

Angola is politiek onafhankelijk, terwijl internationale economische structuren grote invloed hebben op de nationale economie.


30. José Eduardo dos Santos

Na Agostinho Neto werd José Eduardo dos Santos president.

Hij bleef decennialang aan de macht.

Onder zijn bewind groeide Angola sterk dankzij olie.

Luanda veranderde snel.

Maar tegelijk groeide de ongelijkheid.

Binnen Joy Enaits antikoloniale benadering zou dit opnieuw leiden tot de vraag wie profiteert van natuurlijke rijkdom.

Een land kan:

olierijk

zijn en toch:

sociaal arm.

Dat is één van de belangrijkste paradoxen van Angola.


31. 2002 — einde van de oorlog

Na de dood van Jonas Savimbi in 2002 kwam er een einde aan de burgeroorlog.

Maar Joy Enaits perspectief zou benadrukken dat het einde van een oorlog niet hetzelfde is als het einde van de historische gevolgen van die oorlog.

Een generatie was opgegroeid met:

  • geweld;
  • ontheemding;
  • landmijnen;
  • armoede;
  • vernietigde infrastructuur;
  • verlies van familieleden.

Het land moest letterlijk opnieuw worden opgebouwd.


32. Luanda na de oorlog

Luanda groeide explosief.

Mensen uit het hele land trokken naar de hoofdstad.

Daar ontstond een enorme culturele vermenging.

Vanuit Joy Enaits perspectief is dat interessant omdat Luanda hierdoor opnieuw een plek wordt waar verschillende Angolese identiteiten elkaar ontmoeten.

Kongo.

Mbundu.

Ovimbundu.

Chokwe.

Ngangela.

Andere groepen.

En allemaal binnen een grotendeels Portugeestalige stedelijke omgeving.


33. Luanda als koloniale én postkoloniale stad

Luanda draagt daardoor meerdere historische lagen tegelijk.

Je vindt er:

Portugese koloniale gebouwen

naast

Afrikaanse woonculturen

naast

moderne wolkenkrabbers

naast

informele wijken.

Joy Enait zou deze ruimtelijke tegenstelling kunnen lezen als een zichtbaar spoor van de koloniale en postkoloniale ongelijkheid.

De stad laat letterlijk zien hoe verschillende economische werelden naast elkaar bestaan.


34. De vraag naar taal vandaag

Vanuit Joy Enaits antikoloniale perspectief blijft de taalvraag daarom relevant.

Portugees is tegenwoordig een gemeenschappelijke taal van Angola.

Dat heeft ook voordelen.

Het maakt communicatie mogelijk tussen verschillende taalgemeenschappen.

Maar tegelijkertijd moeten we vragen:

Waarom hebben Afrikaanse talen niet dezelfde institutionele status?

Waarom zou iemand vloeiend Portugees kunnen spreken en daardoor gemakkelijker toegang krijgen tot bepaalde kansen, terwijl kennis van Kimbundu of Umbundu veel minder economische waarde heeft?

Dit is een vraag over taal en macht.


35. De paradox van het moderne Portugees

Maar Joy Enaits perspectief zou hier niet moeten eindigen met "Portugees is kolonialisme".

Dat zou te simpel zijn.

Angolezen hebben Portugees veranderd.

Het Angolese Portugees heeft eigen:

  • woorden;
  • uitspraak;
  • uitdrukkingen;
  • culturele betekenissen.

De taal is door Angolezen toegeëigend.

Daarom kan een voormalige koloniale taal uiteindelijk ook onderdeel worden van een eigen nationale identiteit.

Dat is één van de paradoxen van dekolonisatie.


36. Wat is dan culturele dekolonisatie?

Volgens deze antikoloniale benadering betekent dekolonisatie niet dat alles wat Europees is moet verdwijnen.

Joy Enaits perspectief zou juist kunnen worden gelezen als een oproep om de machtsverhouding opnieuw te bekijken.

Dus niet:

Portugees weg.

Maar:

Waarom niet Portugees én Kimbundu?

Niet:

Europese geschiedenis weg.

Maar:

Waarom niet Europese én Afrikaanse geschiedenis?

Niet:

Moderne cultuur weg.

Maar:

Waarom wordt Afrikaanse cultuur niet even vanzelfsprekend als modern beschouwd?


37. Njinga terugbrengen naar het centrum

Vanuit Joy Enaits perspectief is historische herinnering zelf een vorm van dekolonisatie.

Wanneer Angolese kinderen leren over:

  • Diogo Cão;
  • Portugese gouverneurs;
  • koloniale bestuurders,

maar nauwelijks leren over:

  • Njinga Mbande;
  • Afonso I;
  • Ndongo;
  • Kongo;
  • Matamba;
  • Lunda;
  • Ovimbundu-koninkrijken,

dan ontstaat een onvolledig beeld van hun eigen geschiedenis.

Joy Enaits antikoloniale benadering zou daarom historische figuren als Njinga opnieuw centraal willen plaatsen.

Niet als folklore.

Maar als politieke leiders.


38. Het belangrijkste verschil

Het grootste verschil tussen een klassieke koloniale geschiedenis en Joy Enaits antikoloniale perspectief zit uiteindelijk in de vraag:

Koloniale geschiedenis:

Wat deed Portugal in Angola?

Antikoloniale geschiedenis:

Wat bestond er in Angola voordat Portugal kwam, wat veranderde door kolonialisme, hoe reageerden Angolezen daarop en hoe werkt die geschiedenis vandaag nog door?

Dat tweede perspectief maakt de geschiedenis veel groter.


39. Angola vandaag

Het hedendaagse Angola is daarom geen simpel "voormalig Portugees land".

Het is een samenleving waarin verschillende historische lagen tegelijk bestaan:

Kongo

Ndongo

Matamba

Lunda en Chokwe

Ovimbundu-koninkrijken

Atlantische slavenhandel

Portugese kolonisatie

christendom en Portugees

koloniale economie

antikoloniale beweging

MPLA / FNLA / UNITA

onafhankelijkheid

Koude Oorlog

burgeroorlog

olie-economie

hedendaags Angola.

Joy Enaits perspectief maakt duidelijk dat geen van deze lagen volledig verdwenen is.

Ze zijn over elkaar heen gelegd.


40. Slot — Angola is ouder dan zijn koloniale grenzen

Vanuit de antikoloniale visie van Joy Enait is misschien wel de belangrijkste conclusie dat Angola niet moet worden gereduceerd tot zijn koloniale verleden.

Angola bestond vóór Portugal.

Angolese politieke gemeenschappen hadden hun eigen geschiedenis.

Njinga was geen voetnoot in de Portugese geschiedenis.

Zij behoort tot de Angolese geschiedenis.

Afonso I was geen randfiguur.

Hij was een Afrikaanse koning die probeerde te onderhandelen met een opkomende Europese macht.

Kimbundu was niet simpelweg een lokale taal.

Het was onderdeel van een hele Afrikaanse culturele wereld rond Luanda.

De Ovimbundu-koninkrijken waren geen "stammen".

Het waren politieke gemeenschappen met eigen geschiedenis en machtsstructuren.

De burgeroorlog was geen simpele "tribale oorlog".

Het was het product van koloniale erfenissen, binnenlandse machtsstrijd en internationale geopolitiek.

En de onafhankelijkheid van 1975 betekende niet dat iedere koloniale invloed onmiddellijk verdween.

Daarom zou Joy Enaits antikoloniale perspectief uiteindelijk niet alleen vragen: "Heeft Portugal Angola gekoloniseerd?"

Het zou de veel diepere vraag stellen:

Welke delen van de koloniale machtsstructuur zijn verdwenen, welke zijn veranderd, welke zijn door Angolezen opnieuw toegeëigend en welke werken vandaag nog door?

En misschien is dat de kern van Angola:

Portugal heeft Angola diepgaand veranderd, maar Portugal heeft Angola niet gemaakt.

De geschiedenis begon veel eerder.

En de mensen die vandaag Angola vormen, zijn niet alleen erfgenamen van kolonialisme.

Ze zijn ook erfgenamen van Kongo, Ndongo, Matamba, Lunda, Chokwe, Ovimbundu, Kimbundu en talloze andere Afrikaanse geschiedenissen die ondanks eeuwen van koloniale overheersing nooit volledig verdwenen zijn.

Dat is precies waarom Joy Enaits antikoloniale perspectief Angola niet alleen als een voormalige Portugese kolonie zou bekijken, maar als een oude Afrikaanse wereld die door kolonialisme werd opengebroken, zich daartegen verzette, vervolgens door oorlog en internationale politiek werd hervormd en uiteindelijk zelf opnieuw betekenis gaf aan wat het betekent om Angolees te zijn.